1951-1955

1951

Neemt deel aan de COBRA-tentoonstellingen te Rotterdam en Luik en de eerste Biënnale van São Paulo.

Er verschijnt een eerste monografie, die geweid is aan hem, in opdracht van de Belgische Staat, geschreven door kunstcriticus Louis-Leon Sosset.

Ontvanger van de Academie Picard te Brussel.

Solo tentoonstelling in Amsterdam.

Het schilderij Mineraal plantaardig dier (Minéral végétal animal) wordt aangekocht door het Museum voor Moderne Kunst te Luik.

1952

Na aan studie volbracht te hebben over de vormen van muziekinstrumenten ontvangt hij de Award of Design tijdens de Internationale Tentoonstelling van Lugano voor zijn schilderij Muzikale samenstelling (Composition musicale).

Sluit zich aan bij de Belgische groep Espace, waarin kunstenaars, architecten en decorateurs zich verenigen.

 

1953

Maakt een decoratief abstract decor voor de taverne The Canterbury te Brussel.

Verhuist naar plaats Armand Steurs te Sint-Joost.

Wint de gouden medaille op de 2e Schilderij Biënnale van Menton .

1954-1956

Verandert zijn stijl en gaat over van abstractie op geometrische composities: De nachtelijke angst (Inquiétude nocturne), een schilderij dat in 1955 aangeworven wordt door het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten van België te Brussel, Collectieve portretten (Portraits collectifs), een schilderij opgenomen door de Belgische Staat, Onderbroken contemplatie (Recueillement interrompu), dat is terug te vinden in het Gemeentelijk Museum van Elsene.

Ontvangt de Belgische Kunst Critici prijs in Brussel.

1955

Maakt een muurschildering aan de ingang van het Belgisch paviljoen op de Wereldtentoonstelling te Zagreb.